Spelregelvragen SAO Apeldoorn ronde 1

Spelregels SAO

Donderdag 5 september stond de eerste ronde van de interne spelregelcompetitie 2019/2020 op het programma. Bekijk hier de vijf spelregelvragen en de antwoorden.

Vraag 1
Na een hoekschop komt de bal bij een groep spelers ter hoogte van de strafschopstip, een verdediger slaat nu met zijn hand de bal, maar op datzelfde moment werd deze verdediger in zijn rug geduwd door een aanvaller. De scheidsrechter onderbreekt het spel, maar wat moet hij nu beslissen?
A. Hij geeft de verdediger een waarschuwing en laat hervatten met een strafschop, omdat de handsbal qua sanctie (de waarschuwing) de ernstigste overtreding is.
B. Hij laat hervatten met een strafschop omdat de strafschop qua spelhervatting ernstiger is dan een directe vrije schop.
C. Hij laat hervatten met een directe vrije schop voor de verdediger omdat duwen een fysiek ernstigere overtreding is dan een handsbal.
D. Hij laat hervatten met een strafschop omdat de overtreding van de verdediger qua tactische gevolgen ernstiger is dan het duwen door de aanvaller.

Vraag 2
In welke van de volgende situaties dient het spel te worden hervat met een indirecte vrije schop?
A. Te hoog trappen op het moment dat een tegenstander de bal wil koppen en waarbij de tegenstander wordt geraakt.
B. Een tegenstander duwen.
C. Een tegenstander proberen te laten struikelen.
D. Spelen op gevaarlijke wijze.

Vraag 3
Voordat op het middenveld een vrije schop wordt genomen ziet de assistent-scheidsrechter dat een verdediger in zijn eigen strafschopgebied een tegenstander een klap in het gezicht geeft en steekt de vlag in de lucht. Echter, de vrije schop wordt genomen en pas dán reageert de scheidsrechter op het vlagsignaal en hij fluit af.
Wat moet de scheidsrechter nu beslissen nadat hij van de assistent-scheidsrechter heeft vernomen wat er is gebeurd?
A. Rode kaart voor de verdediger en het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal het laatst geraakt werd.
B. Rode kaart voor de verdediger en het spel laten hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
C. Rode kaart voor de verdediger en het spel laten hervatten met een strafschop.
D. Rode kaart voor de verdediger en de vrije schop op het middenveld laten overnemen.

Vraag 4
De doelverdediger heeft, op de grond liggend, nog één vinger op de bal. Mag de bal nu worden gespeeld?
A. Alleen door een tegenstander.
B. Alleen door een medespeler.
C. De bal mag niet meer worden gespeeld.
D. De bal mag door iedereen worden gespeeld.

Vraag 5
Een speler die in de eerste helft is bestraft met een gele kaart wordt in de rust gewisseld. Deze gewisselde speler zit tijdens de tweede helft op de reservebank en levert vanaf daar luidkeels commentaar op de leiding zonder daarbij beledigend te zijn. De scheidsrechter onderbreekt hiervoor het spel. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
A. Hij stuurt de speler weg zonder een kaart te tonen en hervat met een indirecte vrije schop.
B. Hij stuurt de speler weg zonder een kaart te tonen en hervat met een scheidsrechtersbal.
C. Hij toont de speler een gele kaart, direct gevolgd door de rode kaart en hervat met een indirecte vrije schop.
D. Hij toont de speler een gele kaart, direct gevolgd door de rode kaart en hervat met een scheidsrechtersbal.

Antwoorden:

1 2 3 4 5
C D A B C