Spelregelvragen SAO Apeldoorn ronde 10

Spelregels SAO

Donderdag 6 december stond de tiende ronde van de interne spelregelcompetitie op het programma. Bekijk hier de vijf spelregelvragen en de antwoorden.

Vraag 1
Een wedstrijd moet worden verlengd met een strafschoppenserie. Wat is er bepaald omtrent de eerste toss?

A. De winnaar van de eerste toss begint met het nemen van de eerste strafschop.
B. Met de eerste toss wordt door de scheidsrechter het doel bepaald waarop de strafschoppen genomen gaan worden.
C. De winnaar van de eerste toss mag kiezen of zijn ploeg de eerste of tweede strafschop neemt.
D. De winnaar van de eerste toss mag kiezen op welk doel de strafschoppen worden genomen.

Vraag 2
Bij welke van de onderstaande overtredingen moet het spel hervat worden met een indirecte vrije schop?

A. Een speler trapt naar een wisselspeler die tijdens het spel het speelveld betreedt.
B. Als de bal in het spel is spuwt een speler vanuit het speelveld naar een tegenstander die buiten het speelveld staat.
C. Een speler maakt zich schuldig aan het gebruiken van grove, beledigende taal richting scheidsrechter.
D. Een speler trapt met een te hoog geheven been naar de bal en raakt daarbij met zijn voet een tegenstander.

Vraag 3
Tijdens een luchtduel raken zowel een aanvaller als de doelman van de tegenpartij geblesseerd na een botsing. Er is geen overtreding begaan, maar de scheidsrechter fluit af en staat verzorging toe op het speelveld. Hoe moet de scheidsrechter handelen als de verzorging heeft plaatsgevonden?

A. Hij laat de aanvaller buiten het speelveld wachten op een teken om het speelveld weer te betreden nadat het spel weer met een scheidsrechtersbal is hervat op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
B. Hij laat de aanvaller buiten het speelveld wachten op een teken om het speelveld weer te betreden nadat het spel weer met een scheidsrechtersbal is hervat op de plaats van de botsing.
C. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
D. Hij hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats van de botsing.

Vraag 4
Een verdediger, die naast zijn eigen doel buiten het speelveld is behandeld voor een blessure, staat naast het doel klaar om in te vallen en ziet dat de bal zijn doel in dreigt te rollen. Zonder toestemming rent hij het veld in en weet met een sliding nog net te voorkomen dat de bal in het doel gaat. Wat moet de scheidsrechter beslissen?

A. De scheidsrechter fluit af en toont de verdediger een rode kaart wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld en het voorkomen van een doelpunt en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen werd afgefloten.
B. De scheidsrechter fluit af en toont de verdediger een gele kaart wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld en laat het spel hervatten met een strafschop.
C. De scheidsrechter fluit af en toont de verdediger een rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans en laat het spel hervatten met een strafschop.
D. De scheidsrechter fluit af en toont de verdediger een rode kaart wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de lijn van het doelgebied evenwijdig aan de doellijn, het dichtst gelegen bij de plaats van de overtreding.

Vraag 5
Na een duel  raken twee tegenstanders geblesseerd en hebben beide verzorging nodig. Een van deze spelers wordt direct door zijn trainer gewisseld voor een klaarstaande wisselspeler. Wat moet de scheidsrechter doen als hij vond dat bij het duel geen overtreding werd gemaakt?

A. Hij staat de wissel van partij A toe en laat de speler van partij B op het speelveld blijven.
B. Hij laat beide spelers het speelveld verlaten en laat daarna het spel hervatten. Vervolgens geeft hij de speler van partij B toestemming om weer mee te doen en bij de eerstvolgende onderbreking laat hij de wisselspeler van partij A toe.
C. Hij laat partij A wisselen en laat de speler van partij B het veld verlaten. Nadat het spel hervat is geeft hij de speler van partij B toestemming om het veld weer te betreden.
D. Hij laat beide spelers het speelveld verlaten en laat daarna het spel hervatten. Bij de eerstvolgende onderbreking laat hij de wisselspeler van partij A toe en de speler van partij B.

Antwoorden:

1

2

3

4

5

B

C

C

C

C