Spelregelvragen SAO Apeldoorn ronde 25

Spelregels SAO

Hieronder vindt u de spelregelvragen die bij de SAO Apeldoorn zijn behandeld op donderdagavond 26 april. Onderaan de pagina kunt u uw antwoorden nakijken.

Vraag 1
Tijdens het spel bemerkt de scheidsrechter dat er van één van de partijen meer dan elf spelers op het speelveld staan en actief deelnemen. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
A. Hij wacht tot de eerstvolgende onderbreking en geeft dan de aanvoerder de opdracht om het totaal op elf te brengen.
B. Hij wacht tot de eerstvolgende onderbreking en geeft dan de aanvoerder de opdracht om het totaal op elf te brengen. De scheidsrechter moet het voorval rapporteren aan de bond.
C. Hij onderbreekt het spel, geeft de aanvoerder de opdracht om het totaal op elf te brengen en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak. De scheidsrechter moet het voorval rapporteren aan de bond.
D. Hij onderbreekt het spel, geeft de aanvoerder de opdracht om het totaal op elf te brengen en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen hij het spel onderbrak. De scheidsrechter moet het voorval rapporteren aan de bond.

Vraag 2
De scheidsrechter laat tijdens de reguliere speeltijd van een competitiewedstrijd een strafschop overnemen. Dit moet gebeuren door:
A. Dezelfde speler.
B. Een andere speler.
C. Het maakt niet uit welke speler de strafschop overneemt.
D. De speler die de strafschop moet overnemen, wordt door de scheidsrechter na goedkeuring van de aanvoerder aangewezen.

Vraag 3
Er moet een spelerswissel plaatsvinden. Op het moment dat de te wisselen speler het speelveld heeft verlaten en op de bank wil gaan zitten, beledigt hij de ass.-scheidsrechter, die klaar staat met de wisselspeler om diens uitrusting te controleren. De ass.-scheidsrechter steekt de vlag in de lucht om de aandacht van de scheidsrechter te vragen. Nadat de scheidsrechter naar hem toegekomen is vertelt de ass.-scheidsrechter dat hij is beledigd.  Wat moet de scheidsrechter nu beslissen?
A. Hij toont de gewisselde speler de gele kaart en laat de wisselspeler het veld betreden.
B. Hij toont de gewisselde speler de gele kaart en laat de wisselspeler het veld betreden want de wissel is aangekondigd.
C. Hij toont de gewisselde speler de rode kaart en laat de wisselspeler het veld betreden want de wissel is aangekondigd.
D. Hij toont gewisselde de speler de rode kaart en staat de wisselspeler niet toe het veld te betreden.

Vraag 4
De scheidsrechter geeft een teken dat een hoekschop kan worden genomen. Er staan twee medespelers bij de bal. Speler A probeert de tegenpartij te misleiden door even met de voet de bal te raken. De bal beweegt duidelijk, maar gaat daarbij niet uit het hoekschopgebied. Medespeler B loopt vervolgens snel met de bal aan de voet richting doel en scoort. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
A. Hij kent het doelpunt toe.
B. Hij keurt het doelpunt af omdat de bal niet duidelijk bewoog toen speler A met de voet op de bal stond en laat de hoekschop overnemen.
C. Hij keurt het doelpunt af omdat de bal niet uit het hoekschopgebied ging toen speler A de bal het tikje gaf en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij vanuit het hoekschopgebied.
D. Hij keurt het doelpunt af, toont beide spelers een gele kaart wegens misleiding en hervat het spel met een scheidsrechtersbal bij het hoekschopgebied.

Vraag 5 (open vraag)
Wanneer wordt voor een overtreding of overtredingen, begaan op de lijn van het strafschopgebied geen directe vrije schop toegekend?

 

 

 

 

Antwoorden:

1 2 3 4
D C D A

 

Vraag 5
Wanneer wordt voor een overtreding of overtredingen, begaan op de lijn van het strafschopgebied geen directe vrije schop toegekend?

  1. Indien de bal niet in het spel was.
  2. Indien het een overtreding betreft die met een indirecte vrije schop moet worden bestraft.
  3. Indien de voordeelregel wordt toegepast.
  4. Indien er een strafschop gegeven moet worden.
  5. Indien er een scheidsrechtersbal gegeven moet worden.